Visie

Verandering is er altijd.
Het is er sinds het ontstaan van de aarde, terwijl het ontstaan van de aarde zelf ook al een verandering was.
Verandering zal er altijd zijn.

De wereld om ons heen.

Toch zijn er, in onze ogen, redenen om aandacht te schenken aan de veranderende wereld:
het tempo waarin veranderingen zich voltrekken, neemt toe.
Maatschappelijke verschuivingen zijn het gevolg van een aantal veranderende aandachtsgebieden.

  1. Technologische veranderingen.
    Door de opkomst van automatisering is het uitwisselen van gegevens over grote fysieke afstanden eenvoudiger geworden.
    De wereld is daarmee, in overdrachtelijke zin, kleiner geworden. Ergens op de wereld kan een product of een dienst goedkoper gemaakt of goedkoper beschikbaar gesteld worden. Hierdoor neemt de beweeglijkheid van productie en dienstverlening toe.
  2. Globalisering.
    Als gevolg van deze “kleinere wereld”, verschuiven machts- en gezagsverhoudingen. Organisaties, en zeker de grote corporates, opereren makkelijker mondiaal. Zeggenschap van regeringen blijft echter beperkt tot gebiedsdelen.
    De maatschappij verwacht dat organisaties verantwoordelijkheid nemen, maar onduidelijk is hoeveel: wat in het ene land niet is toegestaan, kan in het ander wel.
  3. Multi-cultureel.
    Als gevolg van globalisering zijn organisaties en regeringen in toenemende mate multi-cultureel. Daarmee wordt het ingewikkelder om een identiteit te hebben, terwijl daar wel behoefte aan is. De huidige gevolgen daarvan zijn zichtbaar in vormen van polarisering. Vreedzaam samenleven brengt met zich mee dat inclusiviteit aandacht vergt: de behoefte aan een nieuwe vorm van “wij” stimuleert het vinden van nieuwe organisatievormen.
  4. Economie.
    Een toenemend bewustzijn rond het economische systeem van vrije markt economie brengt

    1. openlijk inzicht in de verdeling tussen arm en rijk: de rijkste 1% heeft een vermogen dat groter is dan de rest van de wereld, de 80 rijkste mensen van de wereld hebben meer vermogen dan de armste 3,5 miljard mensen
    2. het openlijke inzicht dat een klein deel van de mensheid profiteert van economische vooruitgang: 15% van de mensen plukt 85% van de vruchten

Hieruit vloeit voort dat het verschil tussen hen die participeren in een wereldeconomie en hen die dat niet doen steeds groter wordt. Ofwel, steeds minder mensen kunnen participeren in het economische systeem. Daarmee is inzichtelijk dat het systeem van vrije markt economie zichzelf de das om zal doen.
“In zaken blijven” stimuleert het vinden van nieuwe overlevingsvormen.

  1. Milieu.
    In toenemende mate wordt de mensheid zich bewust dat de aarde niet zelfstandig al het geproduceerde afval op kan ruimen. De klimaattop te Parijs in 2015 heeft tot consensus geleid dat de economische systemen ondergeschikt zijn aan de zorg voor het milieu.
    Dit zet aan tot het zoeken naar nieuwe economische overlevingsvormen.
  2. Neo-liberalistische tegenbeweging.
    Het neo-liberalistische model, wat als vervanger voor de verzorgingsstaat moest dienen, veronderstelt dat mensen in beweging komen door prikkels ten behoeve van eigenbelang. Het heeft echter geen antwoord op behoeftes die groter zijn dan de mens zelf, zoals liefde, vrede en een gezonde leefomgeving: er is in delen van de wereld behoefte aan een meer egalitaire samenleving.
    De neo-liberalistische ideologie is weliswaar weg, maar de organisatie ervan is nog niet uit de samenleving verdwenen. Men zoekt naar nieuwe mogelijkheden rond waarden, waardecreatie en samenwerking om invulling te geven aan herstructurering en verdeling.
Voor download van dit artikel, klik afbeelding
Voor download van dit artikel, klik afbeelding

 

Kortom, we bevinden ons in een periode waarin onzekerheid en manieren om samen te leven en samen te werken zich zullen vernieuwen.

 

 

Wat ons leidt.

 

De veranderende wereld heeft invloed op de nabije context van wie je bent.
Het meebewegen met (deze) veranderingen vergt iets van de homo-sapiens waar ze niet zo goed in is. Verandering brengt immers weerstand met zich mee.
En hoe kun je je morgen comfortabel voelen in een omgeving die vandaag nog anders is?

 

“Everything must change”,
George Benson, 1977

Individueel en collectief hebben we, zowel vanuit een perspectief van weerstand als vanuit een perspectief van vernieuwing,
meer dan ooit tevoren het vermogen te ontwikkelen om
“tegen onszelf in te denken”.

Dit vraagt veel meer dan een gesprek te voeren met degenen
waar we het oneens mee zijn, hen uit laten spreken en daarnaar te luisteren.

Het vraagt bereidheid om onszelf te trainen in het bewust- en
gewaarworden van onze instinctieve reacties.
Het vraagt bereidheid om te kijken hoe onze kwetsbaarheid
is gevormd en om dat nederig te erkennen.
Het vraagt om bereidheid ons opnieuw te verbinden
vanuit een veld voorbij goed en kwaad.

Het vraagt flexibiliteit om in dit proces te vallen
en veerkracht om weer op te staan.

“Tegen onszelf in leren denken” vraagt om zelfontdekking.
Dat is een kwetsbaar proces, wat niet uit
boeken te leren is.
Daar is de ontmoeting met een ander voor nodig.
Een ontmoeting, voorbij oorzaken, in vertrouwen.

Voor wie.

Wij staan klaar voor onze klanten, die hun wendbaarheid willen ontwikkelen. Om zich comfortabel te voelen in een wereld die morgen anders is dan vandaag. Om als organisatie flexibel mee te kunnen bewegen op de veranderingen in de directe context.

Wij staan klaar voor onze klanten, die ‘tegen zichzelf in” willen leren denken.

Wij geloven erin dat ieder mens het vermogen heeft om zijn bestaan vorm te geven, zich te onderscheiden van anderen en de kwaliteit heeft zich te ontwikkelen.
Met dat vermogen zijn mensen in staat om bij te dragen aan een organisatie of diens doelstellingen.
Wij dragen graag bij om die vermogens te vergroten.

Wij gaan er vanuit dat:

  • mensen in staat zijn zichzelf en het eigen leven in een groter perspectief te zien
  • mensen over de kwaliteit beschikken om zichzelf te zijn in wisselende omstandigheden
  • mensen in staat zijn om persoonlijke groei vorm te geven in het dagelijks leven

We willen dat door ons toedoen onze klanten meer veerkracht ontwikkelen en dat de organisaties waarvoor zij werken beter worden in het beter worden.